Uitspraak
1.[appellant1] ,
[appellant1],
2. [appellant2] ,
[appellant2],
3. [appellant3] ,
[appellant3],
[appellanten] c.s.,
Vos,
1.Het verloop van de procedure bij de kantonrechter
2.Het verloop van de procedure in hoger beroep
3.Waar gaat deze procedure over?
4.De vaststaande feiten
- [appellant1] gedurende de periode 2 januari 2002 tot en met 30 september 2016;
- [appellant2] gedurende de periode 15 juni 2015 tot en met 16 december 2015;
- [appellant3] gedurende de periode 15 juni 2015 tot en met 15 april 2016.
NPU, ‘Niet productieve uren declaratie formulier’ had ingeleverd.
5.De toepasselijke cao en de interne regels van Vos
Handboek Chauffeur. In dit handboek staat onder meer
Urenverantwoording
Huishoudelijk Reglement. In dit reglement staat
6.De vordering en het oordeel van de kantonrechter
- [appellant1] overuren 1 januari 2011 tot en met juli 2015: € 18.417,-
- [appellant1] overuren 1 augustus 2015 tot en met september 2016 € 8.620,-
- [appellant2] 15 juni 2015 – 16 december 2015 overuren € 3.896,68
- [appellant2] onkostenvergoeding € 396,10
- [appellant3] overuren 15 juni 2015 – maart 2016 € 4.404,31
- [appellant3] onkostenvergoeding € 19,86
7.De beoordeling van de grieven en de vordering in hoger beroep
in opdracht van de werkgeverdoorgebrachte uren en dat artikel 25, derde lid, van de cao door eigen schuld of toedoen van de werknemer ontstane overuren van vergoeding uitsluit. Indien de werkgever gemotiveerd stelt dat geen sprake is van in opdracht van de werkgever doorgebrachte uren of dat sprake is van door eigen schuld of toedoen ontstane overuren, kan de werknemer niet volstaan met het verwijzen naar het ingelogd zijn op de boordcomputer.
8.De beslissing
21 juni 2022voor een nadere berekening aan de zijde van [appellanten] c.s. en bepaalt dat Vos daarop zes weken nadien mag reageren; beide als hiervoor onder 7.24 is aangegeven;