De terbeschikkinggestelde is sinds bijna twee jaar in behandeling in een forensisch psychiatrisch centrum en heeft vooruitgang geboekt, waaronder het corrigeren van een eerdere diagnose autismespectrumstoornis naar schizofrenie. Ze volgt medicatie trouw en maakt gebruik van onbegeleide verloven en therapieën voor faalangst.
De terbeschikkinggestelde wenst na afloop van de maatregel deels hulpverlening voort te zetten, met begeleiding via transmuraal verlof. Zij stelt dat een verlenging van één jaar voldoende is, met een tussentijdse toets om verdere verlenging of zorgmachtiging te beoordelen.
Het openbaar ministerie en de kliniek adviseren echter verlenging met twee jaar vanwege de complexiteit en chronische aard van haar problematiek en het nog lopende verloftraject. Het hof volgt dit advies en bevestigt de beslissing van de rechtbank Den Haag om de terbeschikkingstelling met twee jaar te verlengen.
Het hof ziet geen noodzaak voor een tussentijdse toets omdat de kliniek toewerkt naar een vervolgtraject na afloop van de maatregel en verwacht dat indien nodig tijdig een zorgmachtiging wordt aangevraagd. De maximale duur van de maatregel is vier jaar, inclusief deze verlenging.