Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
1.[geïntimeerde1] ,
[geïntimeerde2] ,
[geïntimeerde3] ,
[geïntimeerde4] ,
1.Het vervolg van de rechtszaak bij het hof
2.De beoordeling van het hof
“Die Kontoauszüge sind an die Adresse von Herrn [naam2] zugesandt worden.”
- een overboeking van € 50.107,50 op 22 juni 2012; en
- een overboeking van € 432.268,23 op 27 juni 2012.
“Mijn vader (hof: [naam3] ) kwam met een blanco blaadje en zei dat ze moest tekenen. Ze vroeg waarom, hij zei dat dat moest. Ze wist niet dat ze getekend had voor bewindvoering.”Het bewind is geëindigd door het overlijden van erflater op 5 juli 2012 en heeft slechts 8 dagen geduurd. [naam3] en [de erflaatster] hebben als bewindvoerders geen beschrijving gemaakt van de goederen die aan het bewind waren onderworpen en ook niet de voor betalingen in verband met het bewind nodige betaalrekening geopend van artikel 1:436 lid 4 BW Pro; zij hebben evenmin aan het einde van het bewind rekening en verantwoording afgelegd.
‘Auszahlung’. Niet staat vast dat [de erflaatster] hierbij aanwezig was. Ook staat niet vast dat [de erflaatster] wist van deze opname. De neven en de nicht gaan ervan uit dat [de erflaatster] wel aanwezig was bij de geldopname. [appellant] weerspreekt dat; de neven en de nicht hebben geen nader bewijs daarvan aangeboden.
“We hebben er alle vertrouwen in dat in de komende maanden de precieze omvang van de nalatenschap kan worden vastgesteld.”
”heb dit aan [naam3] en [naam1] gegeven om in hun kluis te doen”.
“De afwikkeling van de nalatenschap is in een impasse geraakt.”