AI samenvatting door Lexboost • Automatisch gegenereerd
Bevestiging boete bij lasercontrole zonder staandehouding wegens verkeerssituatie
De betrokkene kreeg een boete van €295 voor een snelheidsovertreding binnen de bebouwde kom, vastgesteld met een lasergun. Het hoger beroep richtte zich op de vraag of de bekeuring terecht op kenteken kon worden opgelegd zonder de bestuurder staande te houden.
De gemachtigde voerde aan dat volgens de instructie tot staandehouding moet worden overgegaan bij lasercontroles, tenzij dit in het voordeel van de betrokkene is. De ambtenaar had gekozen voor een statische controle waarbij staandehouding niet mogelijk was, wat volgens de gemachtigde onterecht was.
Het hof oordeelde dat artikel 5 WahvPro het uitgangspunt geeft dat de bestuurder wordt staandegehouden, maar dat bij afwezigheid van een reële mogelijkheid tot staandehouding de bekeuring op kenteken mag worden opgelegd. De ambtenaar had gemotiveerd dat vanwege de verkeerssituatie en de locatie een staandehouding niet veilig mogelijk was.
De rechter vond de werkwijze van de ambtenaar, een statische controle zonder staandehouding, aanvaardbaar en bevestigde de beslissing van de kantonrechter. Het verzoek om proceskostenvergoeding werd afgewezen.
Uitkomst: De boete voor snelheidsovertreding via lasercontrole zonder staandehouding is terecht opgelegd en bevestigd.
Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
zittingsplaats Leeuwarden
Zaaknummer
: Wahv 200.304.515/01
CJIB-nummer
: 233954082
Uitspraak d.d.
: 2 december 2022
Arrestop het hoger beroep inzake de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) tegen de beslissing van de kantonrechter van de rechtbank NoordHolland van 12 november 2021, betreffende
[de betrokkene] (hierna: de betrokkene),
wonende te [woonplaats] .
De gemachtigde van de betrokkene is mr. N.G.A. Voorbach, kantoorhoudende te Zoetermeer.
De beslissing van de kantonrechter
De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de beslissing van de officier van justitie ongegrond verklaard. Het verzoek om een proceskostenvergoeding is afgewezen.
Het verloop van de procedure
De gemachtigde van de betrokkene heeft hoger beroep ingesteld tegen de beslissing van de kantonrechter. Er is gevraagd om een proceskostenvergoeding.
De advocaat-generaal heeft een verweerschrift ingediend.
De gemachtigde van de betrokkene heeft de gelegenheid gekregen het beroep schriftelijk nader toe te lichten. Van die gelegenheid is geen gebruik gemaakt.
De beoordeling
1. Aan de betrokkene is als kentekenhouder bij inleidende beschikking een sanctie opgelegd van € 295,- voor: “overschrijding maximumsnelheid binnen de bebouwde kom (verkeersbord A1), met 27 km/h”. Deze gedraging zou zijn verricht op 1 juni 2020 om 11:26 uur op de Rijksweg (N208) in Velserbroek met het voertuig met het kenteken [kenteken] .
2. Het namens de betrokkene ingestelde hoger beroep beperkt zich tot de grond dat in deze zaak ten onrechte op kenteken is bekeurd. De gemachtigde voert daartoe aan dat het gaat om een lasergunmeting. In de Instructie snelheidsoverschrijdingen en snelheidsbegrenzers (hierna: Instructie) staat vermeld dat in beginsel tot staandehouding moet worden overgegaan. Het betreft hier een beleidsregel, waarvan de ambtenaar, gelet op artikel 4:84 vanPro de Algemene wet bestuursrecht (Awb), slechts mag afwijken in het voordeel van een betrokkene. Dat de ambtenaar hier kiest voor een onhandig dienstvoertuig komt voor zijn rekening. De inleidende beschikking komt daarom voor vernietiging in aanmerking. Voorts voert de gemachtigde aan dat de ambtenaar heeft gekozen voor een statische controle, maar wordt onvoldoende duidelijk wat daarmee wordt bedoeld. De uitleg van de ambtenaar komt er op neer dat artikel 5 WahvPro wordt uitgehold, omdat bij een statische controle kennelijk nimmer een staandehouding wordt verricht. Verwacht mag worden dat een controle zo is ingericht dat staandehouding steeds mogelijk is, bijvoorbeeld door samenwerking met een collega.
3. Uit artikel 5 vanPro de Wahv volgt het uitgangspunt dat wanneer een gedraging wordt geconstateerd, de ambtenaar de bestuurder staande houdt en zijn identiteit vaststelt, zodat hem een sanctie kan worden opgelegd. Slechts wanneer er geen reële mogelijkheid is geweest om de identiteit van de bestuurder vast te stellen, mag de sanctie aan de kentekenhouder worden opgelegd.
4. Over de reden waarom de ambtenaar de bestuurder niet heeft staandegehouden heeft de ambtenaar in het zaakoverzicht het volgende verklaard: “statische controle, geen mogelijkheid tot staandehouding.”
5. In het dossier bevindt zich een proces-verbaal van 9 oktober 2020, waarin de verbalisant op ambtseed onder meer verklaart:
“In beginsel wordt betrokkene staande gehouden. Als dit niet lukt, kan en mag volgens de aanwijzing meetmiddelen (het hof begrijpt: de Instructie), op kenteken geverbaliseerd worden. Op de locatie waar betrokkene is gecontroleerd, is het nietmogelijk om op een veilige wijze een staande houding te verrichten. Op deze plek aan de provinciale weg is geen vluchtstrook. Een meting met de laser kan alleen plaatsvinden vanaf de ventweg. Een staandehouding van (het hof begrijpt: de bestuurder van) het voertuig dat is gemeten is dan niet mogelijk.”
6. Bij het verweerschrift heeft de advocaat-generaal nog een proces-verbaal overgelegd van 27 april 2022, waarin de ambtenaar op ambtseed onder meer verklaart:
“Op deze provinciale weg is de maximum snelheid 70 kilometer per uur. Omdat deze snelheid regelmatig fors wordt overschreden en dit gevaar oplevert voor de verkeersveiligheid, wordt er op snelheid gecontroleerd. Dit is op deze wijze alleen met een laser mogelijk. Staande houden is op deze weg vrijwel niet mogelijk. Dan moet je kilometers verderop het voertuig doen stil houden. Nu is de controle door een verbalisant uit te voeren op een veilige en correcte wijze. Dit is effectief en in het belang van de verkeersveiligheid.”
7. In de ten tijde van de gedraging geldende instructie is voor zover hier van belang het volgende vermeld:
“Juridisch gezien is er geen bezwaar tegen het verbaliseren op kenteken bij gebruik van de lasergun. Omdat echter bij het gebruik van de lasergun meestal geen fotografische- of videoregistratie van de gedraging of overtreding plaatsvindt, moet in beginsel tot staandehouding worden overgegaan. Als bij het gebruik van de lasergun toch tot het verbaliseren op kenteken wordt overgegaan zonder fotografische of videoregistratie, moet dit in het proces-verbaal of de beschikking worden gemotiveerd.”
8. In de Instructie is, gelet op de tekst daarvan, een voorbehoud opgenomen; er is ruimte om van staandehouding af te zien. In dit geval is voldaan aan de in de instructie gestelde voorwaarde dat de keuze voor verbaliseren op kenteken moet worden gemotiveerd. In het zaakoverzicht en de processen-verbaal van 9 oktober 2020 en 27 april 2022 heeft de ambtenaar uitgelegd hoe de controle heeft plaatsgevonden en waarom staandehouding niet mogelijk was. Gelet hierop kan niet worden geoordeeld dat is gehandeld in strijd met de Instructie.
9. De - voor de mogelijkheid van staandehouding van belang zijnde - keuze van de ambtenaar voor de wijze waarop een verkeerscontrole wordt uitgevoerd leent zich slechts voor een uiterst marginale toetsing door de rechter (zie het arrest van dit hof van 27 augustus 2021, ECLI:NL:GHARL:2021:8218). De hier toegepaste werkwijze, een statische controle, kan die toetsing doorstaan. Dat er ook bij een statische controle werkwijzen zijn te bedenken waarin de reële mogelijkheid tot staandehouding wel bestaat, zoals de gemachtigde stelt, betekent niet dat in dit geval staandehouding ook reëel mogelijk was. Gelet op de door de ambtenaar geschetste omstandigheden was er in dit geval geen reële mogelijkheid tot staandehouding van de bestuurder van het voertuig en mocht de ambtenaar volstaan met het bekeuren op kenteken. De sanctie is dan ook terecht met toepassing van artikel 5 vanPro de Wahv aan de betrokkene, als kentekenhouder, opgelegd.
10. De aangevoerde gronden treffen geen doel. Het hof zal de beslissing van de kantonrechter bevestigen en het verzoek om een proceskostenvergoeding afwijzen.
De beslissing
Het gerechtshof:
bevestigt de beslissing van de kantonrechter;
wijst het verzoek om vergoeding van proceskosten af.
Dit arrest is gewezen door mr. Van Schuijlenburg, in tegenwoordigheid van mr. Landstra als griffier, en op een openbare zitting uitgesproken.