ECLI:NL:GHARL:2021:8422
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verlenging terbeschikkingstelling en afwijzing voorwaardelijke beëindiging verpleging
De terbeschikkinggestelde heeft beroep ingesteld tegen de beslissing van de rechtbank Overijssel tot verlenging van zijn terbeschikkingstelling met één jaar en de afwijzing van zijn verzoek tot voorwaardelijke beëindiging van de verpleging. De verdediging stelde dat de maatregel niet langer noodzakelijk is omdat de veiligheid niet in het geding is en er geen behandelmogelijkheden zijn, mede gezien de ernstige ziekte van de terbeschikkinggestelde.
Het openbaar ministerie betoogde dat ondanks positieve ontwikkelingen de situatie onvoldoende is veranderd om tot beëindiging over te gaan. Het hof heeft de stukken bestudeerd, waaronder het advies van de kliniek en aanvullende neuropsychologische onderzoeken. Hoewel de terbeschikkinggestelde niet volledig meewerkt aan diagnostiek, is hij over het algemeen goed in contact met het behandelteam en is er een geleidelijke toename van vrijheden.
Het hof concludeert dat de veiligheid van anderen en de algemene veiligheid van personen verlenging van de maatregel vereist. De terbeschikkinggestelde heeft baat bij een kader met geborgenheid en structuur. De ernstige ziekte doet hieraan niets af. Het verzoek tot voorwaardelijke beëindiging van de verpleging wordt daarom afgewezen en de beslissing van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hof bevestigt de verlenging van de terbeschikkingstelling en wijst het verzoek tot voorwaardelijke beëindiging van de verpleging af.