Uitspraak
[eiser] ,
[gedaagde] ,
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Na het overlijden van de moeder van eiser en zijn broer, die samen vereffenaars van de nalatenschap zijn, werd de woning waarin de moeder woonde verhuurd aan de ex-schoondochter van de broer. Eiser vorderde ontruiming van de woning omdat de hypotheekverstrekker dreigde met executieverkoop wegens ongeoorloofde verhuur en omdat geen huur werd betaald.
De kantonrechter wees de vordering tot ontruiming af, stellende dat de huurovereenkomst geldig was en dat de huurder bevrijdend mocht betalen aan derden zolang geen andere aanwijzingen waren. In hoger beroep bevestigde het hof dit oordeel. Het hof oordeelde dat een verklaring voor recht in kort geding niet mogelijk is en dat de huurovereenkomst niet ontbonden kon worden zonder naleving van wettelijke opzegvereisten.
Het hof nam aan dat de huurder de huur op andere wijze betaalde, onder meer door betaling van de hypotheek en nutsvoorzieningen, en dat er geen sprake was van een huurachterstand. De niet-marktconforme huurprijs en de mogelijke gevolgen voor de nalatenschap rechtvaardigden geen beperking van de huurbescherming. Het hof bekrachtigde het vonnis van de kantonrechter en veroordeelde eiser in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof wijst het hoger beroep af en bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter, waardoor de ontruiming wordt geweigerd.