Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
[de betrokkene] (hierna: de betrokkene),
De beslissingen van de kantonrechter
Het verloop van de procedure
De beoordeling
endat hij dit redelijkerwijs niet heeft kunnen voorkomen.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De betrokkene kreeg twee administratieve sancties opgelegd wegens het parkeren van haar voertuig bij een blauwe streep terwijl de toegestane parkeertijd was verstreken. Zij had het voertuig vrijwillig overgedragen aan een valet parking-bedrijf, dat de auto echter niet overeenkomstig de afspraken parkeerde.
De kantonrechter verklaarde het beroep van de betrokkene niet-ontvankelijk wegens te late indiening, maar het hof vernietigde deze beslissing omdat de beslissingen niet correct aan de gemachtigde waren bekendgemaakt. Het hof beoordeelde het beroep inhoudelijk en oordeelde dat de betrokkene niet aannemelijk had gemaakt dat het gebruik van het voertuig door een ander tegen haar wil was en redelijkerwijs niet kon worden voorkomen.
Verder stelde het hof dat de sancties terecht waren opgelegd voor twee afzonderlijke gedragingen, omdat tussen de overtredingen bijna 24 uur zat. Ook het beroep op het gelijkheidsbeginsel slaagde niet omdat geen sprake was van een vastgesteld beleid dat afwijkend werd toegepast.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om proceskostenvergoeding afgewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de opgelegde sancties blijven in stand.