Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
[verzoeker](de man), wonende te [woonplaats1] , verzoeker in hoger beroep, advocaat: mr. R.H. Wormhoudt te Amsterdam,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
In deze civiele zaak staat de vraag centraal of de man, die onder bewind is gesteld vanwege problematische schulden, gehouden blijft tot betaling van kinderalimentatie voor zijn twee minderjarige kinderen. De rechtbank had eerder de kinderalimentatie verlaagd naar €25 per kind per maand vanaf 2 januari 2020. De man ging in hoger beroep met drie grieven: geen draagkracht, een eerdere ingangsdatum van de wijziging en kwijtschelding van de alimentatie.
Het hof oordeelt dat de man onvoldoende financiële gegevens heeft verstrekt om zijn draagkracht te onderbouwen. De bewindvoerder, als formele procespartij, had deze gegevens tijdig moeten aanleveren. Ook is onvoldoende aangetoond dat de man voor andere kinderen onderhoudsplichtig is of dat zijn schuldenlast zodanig is dat deze in aanmerking genomen moet worden. De man heeft ook geen rechtsgrond voor kwijtschelding aangevoerd.
Ten aanzien van de ingangsdatum wijst het hof het verzoek af omdat de man niet tijdig een wijzigingsverzoek heeft ingediend en onvoldoende bewijs heeft geleverd voor een eerdere bijstandsuitkering. Het hof bekrachtigt daarom de beschikking van de rechtbank en wijst de grieven van de man af.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de beschikking en wijst het verzoek van de man tot nihilstelling en kwijtschelding van kinderalimentatie af.