ECLI:NL:GHARL:2020:8783
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- De Witt
- Van Schuijlenburg
- Wijma
- Rechtspraak.nl
Bevestiging beslissing kantonrechter inzake roodlichtovertreding en dwangsom
De betrokkene werd gesanctioneerd voor het niet stoppen voor een rood verkeerslicht op 5 augustus 2016 op de N206 Churchilllaan in Leiden. De kantonrechter verklaarde het beroep gegrond tegen de beslissing van de officier van justitie, vernietigde die beslissing, maar wees het beroep tegen de inleidende beschikking ongegrond. Tevens werd een proceskostenvergoeding toegekend.
In hoger beroep betwistte de gemachtigde van de betrokkene de overtreding, stellende dat de betrokkene niet het rode licht was gepasseerd maar stil stond op het zebrapad. Het hof oordeelde op basis van foto’s en gegevens dat de overtreding wel degelijk had plaatsgevonden, waarbij het voertuig het rode licht passeerde zonder te stoppen. De kantonrechter had ten onrechte het zaakoverzicht als ambtsedige verklaring bestempeld, maar dit deed niet af aan de bewijskracht.
Verder oordeelde het hof dat de beslistermijn voor het beroepsorgaan conform artikel 7:24 Awb Pro ook wordt opgeschort gedurende een op verzoek verleende termijn voor het aanvullen van de beroepsgronden. De brief van de officier van justitie waarin de beslistermijn werd verlengd was tijdig en correct geadresseerd. De stelling dat deze niet was ontvangen werd door het hof niet geloofd.
Het hof bevestigde de beslissing van de kantonrechter, verbeterde de gronden en wees het verzoek om proceskostenvergoeding af. Tevens werd vastgesteld dat geen dwangsom was verbeurd omdat de ingebrekestelling prematuur was.
Uitkomst: Het hof bevestigt het vonnis van de kantonrechter dat de betrokkene de roodlichtovertreding beging en wijst het verzoek om proceskostenvergoeding af.