ECLI:NL:GHARL:2020:4249
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Tussenuitspraak
- Rechtspraak.nl
Schorsing behandeling hoger beroep wegens cassatievraag over Vuurwerkbesluit
In deze strafzaak is verdachte in hoger beroep gegaan tegen een vonnis van de rechtbank Gelderland waarin hem werd ten laste gelegd professioneel vuurwerk bestemd voor particulier gebruik te hebben voorhanden gehad. De tenlastelegging is gebaseerd op artikel 1.2.2, eerste lid, van het Vuurwerkbesluit. De verdediging stelt dat het derde lid van dit artikel van toepassing is, omdat verdachte geen persoon met gespecialiseerde kennis is, en dat de tenlastelegging daarom onjuist is.
Het hof heeft in een eerdere zaak (ECLI:NL:GHARL:2019:8857) geoordeeld dat het derde lid van artikel 1.2.2 een systematische specialis is ten opzichte van het eerste lid en dat alleen het derde lid van toepassing is op niet-specialisten. Omdat de tenlastelegging niet het vereiste bestanddeel bevat, leidt dit tot ontslag van alle rechtsvervolging in die zaak. Het openbaar ministerie heeft tegen dat arrest cassatieberoep ingesteld bij de Hoge Raad.
Gezien de nauwe samenhang tussen de vraagstukken in beide zaken en het belang van een efficiënte rechtspleging, heeft het hof besloten de behandeling van het hoger beroep in deze zaak voor onbepaalde tijd te schorsen totdat de Hoge Raad uitspraak heeft gedaan. De zaak zal worden hervat op een nader te bepalen datum, waarna verdachte opnieuw zal worden opgeroepen.
Uitkomst: Behandeling hoger beroep geschorst voor onbepaalde tijd in afwachting van Hoge Raad-uitspraak.