Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
1.[appellant] ,
[appellante],
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De Gemeente Almelo legde op 1 juni 2020 conservatoir beslag op onroerende zaken en bankrekeningen van de thuiszorgorganisatie [B] en haar bestuurders, de heer en mevrouw appellanten, wegens een vordering van ruim €2,1 miljoen wegens vermeende onrechtmatige declaraties in 2016-2019. De bestuurders vorderden opheffing van het beslag, maar de voorzieningenrechter wees dit af. Alleen de bestuurders gingen in hoger beroep.
Het hof oordeelt dat de bestuurders onvoldoende aannemelijk hebben gemaakt dat de vordering van de Gemeente summierlijk ondeugdelijk is. Het onderzoeksrapport van mei 2020 bevat ernstige verwijten van fraude en onrechtmatigheden die, indien bewezen, leiden tot bestuurdersaansprakelijkheid. De bestuurders betwisten diverse verwijten, maar het hof acht dit onvoldoende voor opheffing van het beslag in kort geding, waar geen uitgebreid feitenonderzoek mogelijk is.
Het hof benadrukt dat de bestuurders niet alle stellingen betwist hebben, zoals de hoge winstmarges en het ontbreken van voldoende gekwalificeerd personeel. Ook het beroep op eigen schuld van de Gemeente en het belang van de bestuurders bij opheffing wegen niet zwaarder dan het belang van de Gemeente bij het handhaven van het beslag. De bestuurders beschikken over een inkomen en kunnen in hun levensonderhoud voorzien.
De beslaglegging op de woning in aanbouw leidt wel tot vertraging en dubbele lasten, maar dit belang weegt niet op tegen het belang van de Gemeente. Het hof bekrachtigt het vonnis van 26 juni 2020 en veroordeelt de bestuurders in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hoger beroep tegen de afwijzing van de opheffing van het conservatoir beslag wordt verworpen en het beslag blijft gehandhaafd.