Uitspraak
[appellante],
het pensioenfonds,
1.Het verdere verloop van het geding in hoger beroep
11 april 2019 diverse reglementen in het geding gebracht.
2.De vaststaande feiten
Op 15 mei 1991 hebben [appellante] en [B] een notarieel vastgelegd samenlevingscontract
opgesteld. Deze samenlevingsovereenkomst is beëindigd op 18 februari 2004. Ook de beëindiging is notarieel vastgelegd.
3.De pensioenreglementen
Informatieverstrekking door aangesloten werkgevers, deelnemers en belanghebbenden
Uitkeringsperiode
Aanspraak op bijzonder nabestaandenpensioen
Uitkeringsperiode
Aanspraken opgebouwd tot en met 31 december 2005
4.Het geschil en de beslissing in eerste aanleg
5.De beoordeling in hoger beroep
grief 3waarin betoogd wordt dat het pensioenfonds de betalingen van het bijzonder nabestaandenpensioen dient te hervatten.
6.Slotopmerkingen
7.De beslissing
28 mei 2019.