Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
1.[Appellant 1] ,
[Appellant 2],
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Partijen sloten op 8 oktober 2014 een huurovereenkomst voor een woning tegen een maandelijkse huurprijs van €640,70. Appellanten stelden gebreken aan de woning vast, waaronder vocht- en schimmelproblemen, en vorderden huurvermindering en een vervangende woning. De Alliantie vorderde ontbinding van de huurovereenkomst, ontruiming en betaling van huurachterstand.
De kantonrechter wees de vorderingen van De Alliantie toe en wees die van appellanten af. In hoger beroep voerden appellanten aan dat zij de huurovereenkomst rechtsgeldig hadden opgezegd en dat gebreken aan de woning huurvermindering rechtvaardigden. Het hof oordeelde dat opzegging niet rechtsgeldig was omdat deze niet schriftelijk en aangetekend was gedaan en de brief van 30 juni 2015 geen opzegging inhield.
Daarnaast stelde het hof vast dat appellanten onvoldoende feiten en bewijs hadden geleverd voor de gestelde gebreken. De Alliantie had meerdere malen onderzoek aangeboden, maar appellanten verleenden geen medewerking. De huurachterstand was daardoor terecht gevorderd en de ontbinding van de huurovereenkomst was gerechtvaardigd. Het hof bekrachtigde het vonnis en veroordeelde appellanten in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en veroordeelt appellanten tot betaling van huurachterstand en kosten, terwijl hun vorderingen tot huurvermindering worden afgewezen.