Uitspraak
De beslissing van de kantonrechter
Het procesverloop
Van die gelegenheid is geen gebruik gemaakt.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
In deze zaak is het hoger beroep ingesteld tegen een beslissing van de kantonrechter die het beroep van betrokkene niet-ontvankelijk verklaarde wegens het ontbreken van aangevoerde beroepsgronden. De gemachtigde van betrokkene stelde dat hij het dossier niet tijdig had ontvangen, waardoor het niet mogelijk was om gronden te formuleren.
Het hof oordeelde dat volgens artikel 11, vierde lid (oud) van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) de gemachtigde de mogelijkheid had om het dossier in te zien en afschriften te verkrijgen binnen een door de kantonrechter bepaalde termijn. Uit de oproepingsbrief van de griffier bleek dat deze termijn was verstreken zonder dat de gemachtigde hiervan gebruik had gemaakt.
Het feit dat de gemachtigde later in de procedure alsnog om een afschrift vroeg, deed hieraan niet af. Ook had hij geen gronden aangevoerd of aangegeven waarom dit niet mogelijk was. Het hof bevestigde daarom de beslissing van de kantonrechter en wees het verzoek tot proceskostenvergoeding af.
Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt de niet-ontvankelijkverklaring van het beroep wegens het niet tijdig opvragen van het dossier.