ECLI:NL:GHARL:2018:5108
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Van Schuijlenburg
- Beswerda
- Sekeris
- Rechtspraak.nl
Bevestiging parkeerverbodszone en toekenning proceskostenvergoeding in hoger beroep WAHV-sanctie
In deze zaak stond het hoger beroep centraal tegen een beslissing van de kantonrechter die een administratieve sanctie wegens parkeren in een parkeerverbodszone had vernietigd, maar het beroep ongegrond had verklaard. De betrokkene was beboet voor parkeren buiten de toegestane vakken in een zone aangeduid met bord E1.
De gemachtigde voerde aan dat het parkeerverbod slechts zou gelden aan de zijde van de weg waar het bord was geplaatst en dat het bord onvoldoende duidelijk was door het ontbreken van herhalingsborden. Het hof oordeelde dat artikel 66 RVV Pro 1990 bepaalt dat een zonebord geldt voor het gehele gebied binnen de zone, ongeacht aan welke zijde van de weg het bord is geplaatst. De parkeerverbodszone was voldoende duidelijk aangegeven en het beroep tegen de sanctie werd daarom terecht ongegrond verklaard.
Daarnaast werd bezwaar gemaakt tegen de hoogte van de administratiekosten, die volgens de gemachtigde niet in overeenstemming zou zijn met de werkelijke kosten en in strijd met de bedoeling van de wetgever en algemene rechtsbeginselen. Het hof overwoog dat de ministeriële Regeling vaststelling administratiekosten 2012 niet in strijd is met hogere regelgeving of rechtsbeginselen, omdat de wetgever bewust een gemiddelde kostprijs hanteert voor alle financiële sancties.
Ten slotte werd het verzoek tot proceskostenvergoeding in eerste aanleg afgewezen door de kantonrechter. Het hof vernietigde dit deel van de beslissing en kende de betrokkene een proceskostenvergoeding toe, zowel voor de procedure bij de kantonrechter als voor het hoger beroep, waarbij een forfaitair bedrag werd vastgesteld. De overige beslissingen van de kantonrechter werden bevestigd met verbetering van gronden.
Uitkomst: Het hof verklaart het beroep tegen de sanctie ongegrond, bevestigt de administratiekostenregeling en kent proceskostenvergoeding toe aan betrokkene.