ECLI:NL:GHARL:2018:4543
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- De Witt
- Rechtspraak.nl
Bevestiging sanctie parkeren voor in- en uitrit ondanks ontbreken inritblokken
Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden behandelde het hoger beroep tegen een beslissing van de kantonrechter Gelderland waarin een sanctie van €90,- was opgelegd wegens parkeren voor een in- en uitrit op de Dijkstraat te Arnhem. De betrokkene stelde dat het voor hem niet duidelijk was dat het een in- of uitrit betrof, mede omdat er geen verlaagde stoeprand of andere herkenbare inritconstructies aanwezig waren.
De advocaat-generaal voerde aan dat het verbod op parkeren voor in- en uitritten slechts zou gelden voor de rijbaan en niet voor de uitrit zelf. Het hof oordeelde echter dat het verbod zich ook uitstrekt tot andere weggedeelten die volgens artikel 10 RVV Pro 1990 gebruikt mogen worden voor parkeren, waaronder de verharde strook voor de panden.
De situatie ter plaatse werd nader onderzocht aan de hand van foto's en de verklaring van de verbalisant. Het hof stelde vast dat de constructie van de garagedeuren bij nummer 89 duidelijk herkenbaar is als een in- en uitrit, ook zonder de aanwezigheid van inritblokken of een verlaagde stoeprand. De verharde strook maakt onderdeel uit van de openbare weg, waardoor het parkeerverbod hierop van toepassing is.
Het hof concludeerde dat de kantonrechter het beroep terecht ongegrond heeft verklaard en wees het verzoek tot vergoeding van kosten af. Het beroep werd daarmee verworpen en de sanctie gehandhaafd.
Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt de sanctie van €90 voor parkeren voor een in- en uitrit en wijst het verzoek tot kostenvergoeding af.