Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verder te noemen: [verzoeker]
1.[de voormalige bewindvoerder] ,
2.[D]
3.[F] ,
4.[G] ,
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
- een brief van de rechtbank Noord-Nederland, van 12 februari 2018, waarin wordt medegedeeld dat er geen mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden;
3.De feiten
4.De omvang van het geschil
5.De motivering van de beslissing
€ 389,50 in rekening te brengen als vergoeding voor aanvangswerkzaamheden, zoals vermeld in artikel 3 lid 5 sub a van Pro de Regeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren.