ECLI:NL:GHARL:2018:1312
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Beschikking
- E.A.K.G. Ruys
- W.A. Holland
- Y.A.J.M. van Kuijck
- Rechtspraak.nl
Vernietiging beschikking rechtbank en voortzetting voorlopige hechtenis wegens juiste procedure
Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden behandelde het hoger beroep van het Openbaar Ministerie tegen de beschikking van de rechtbank Gelderland die de voorlopige hechtenis van verdachte had opgeheven. De rechtbank had de voorlopige hechtenis opgeheven omdat de raadsman van verdachte niet op juiste wijze was opgeroepen voor de terechtzitting van 29 november 2017, doordat de dagvaarding abusievelijk aan een oud kantooradres was gestuurd.
De verdediging voerde aan dat het onderzoek ter terechtzitting nietig was en dat de voorlopige hechtenis daarom niet tijdig was verlengd. Het hof oordeelde echter dat nietigheid alleen zou gelden als het onderzoek op die zitting was gesloten en vonnis was gewezen, wat niet het geval was. Het onderzoek was geschorst en de raadsman krijgt alsnog de mogelijkheid om te verschijnen en de verdediging te voeren.
Het hof stelde vast dat verdachte niet in zijn belangen was geschaad en dat de gronden voor voorlopige hechtenis onverminderd aanwezig zijn. Daarom vernietigde het hof de beschikking van de rechtbank en gelastte de onverwijlde voortzetting van de voorlopige hechtenis.
De beslissing werd genomen op 24 januari 2018 door drie raadsheren van het hof Arnhem-Leeuwarden.
Uitkomst: Het hof vernietigt de beschikking tot opheffing van voorlopige hechtenis en gelast de voortzetting van de voorlopige hechtenis.