ECLI:NL:GHARL:2017:6743
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Van Schuijlenburg
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijkheid administratieve sanctie wegens onbevoegdheid indiener beroep
In deze bestuursrechtelijke zaak betreft het een hoger beroep tegen een administratieve sanctie opgelegd voor het afslaan zonder richting aan te geven. De sanctie was opgelegd aan een man, maar het beroep was ingesteld door een gemachtigde namens een andere persoon dan degene aan wie de sanctie was opgelegd.
De officier van justitie had het beroep inhoudelijk behandeld, maar het hof stelt vast dat dit in strijd is met artikel 6, eerste lid, van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV), dat bepaalt dat alleen degene aan wie de sanctie is opgelegd beroep kan instellen. De officier van justitie had het beroep niet-ontvankelijk moeten verklaren.
Het hof vernietigt daarom de beslissingen van de officier van justitie en de kantonrechter en verklaart het beroep niet-ontvankelijk. Tevens wordt het bedrag van de zekerheidstelling gerestitueerd aan degene die dit heeft voldaan, omdat deze niet verantwoordelijk is voor de sanctie en administratiekosten.
Het arrest benadrukt het belang van de juiste procespartij bij het instellen van beroep en bevestigt dat alleen de gesanctioneerde persoon zelf of diens gemachtigde namens hem kan optreden. Dit arrest sluit aan bij eerdere jurisprudentie over de restitutie van zekerheidstellingen.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat het niet door of namens de gesanctioneerde persoon is ingesteld.