Uitspraak
Overwegingen:
Beslissing
[naam terbeschikkinggestelde].
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De zaak betreft het hoger beroep tegen de beslissing van de rechtbank Gelderland om de terbeschikkingstelling (TBS) met verpleging van overheidswege te verlengen met een termijn van twee jaar. De terbeschikkinggestelde is geboren in 1969 en verblijft in een kliniek. Het hof heeft de stukken bestudeerd en de terbeschikkinggestelde gehoord op 30 november 2017.
De terbeschikkinggestelde en zijn raadsman voerden aan dat het recidiverisico onder controle is, mede door de stabiele relaties in het verleden en de positieve ontwikkelingen zoals onbegeleide verlofbewegingen en werk buiten de kliniek. Zij verzochten primair om aanhouding van de behandeling zodat de reclassering mogelijkheden voor een voorwaardelijke beëindiging kon onderzoeken, subsidiair om verlenging met slechts één jaar.
Het openbaar ministerie stelde dat gezien de ernst van de stoornis, het hoge recidivegevaar bij beëindiging en de noodzaak van begeleiding, voortzetting van de maatregel noodzakelijk is. De kliniek adviseerde een geleidelijk resocialisatietraject en gaf aan dat de behandeling meer tijd zal vergen dan een jaar.
Het hof oordeelt dat de verzoeken van de terbeschikkinggestelde niet aannemelijk maken dat een voorwaardelijke beëindiging al mogelijk is en bevestigt de beslissing van de rechtbank tot verlenging met twee jaar. Het hof benadrukt dat bij een verlenging de termijn van twee jaar passend is indien de behandeling langer duurt dan een jaar en dat er nog geen wezenlijke gedragsverandering is opgetreden.
Uitkomst: De terbeschikkingstelling met verpleging van overheidswege wordt verlengd met een termijn van twee jaar.