Uitspraak
1.[appellant 1 B.V.] ,
[appellant 1 B.V.],
2. [appellant 2 Beheer B.V.] ,
[appellant 2 Beheer B.V.],
3. [appellant 3 Beheer B.V.] ,
[appellant 3 Beheer B.V.],
4. [appellant 4 B.V.] ,
[appellant 4 B.V.],
5. [appellant 5] ,
[appellant 5],
[appellanten],
[geïntimeerde],
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
in het principaal appelhebben [appellanten] gevorderd te vernietigen het genoemde vonnis van 10 april 2013, voor zover de vorderingen van [appellanten] (en destijds [X B.V.] ; hierna [X B.V.] te noemen) op [geïntimeerde] daarbij afgewezen zijn, en opnieuw rechtdoende alsnog bij arrest(en):
3.De vaststaande feiten
(…)
Na elk kalenderjaar wordt er een balans opgemaakt. Blijkt hieruit dat er een positief saldo is, dan wordt de eerste fl. 50.000,00 winst in de verhouding 1/1 verdeeld tussen contractgever en mester. De meerwinst komt volledig ten goede van contractgever. Blijkt dat het saldo negatief is, dan is dit volledig voor contractgever.
dat [appellant 5] namens [appellanten] gerechtigd is tot het ondertekenen van pachtcontracten, ingaande na l maart 2000. Dit t.b.v. het economisch belang voor wat betreft het mesterijbedrijf van [geïntimeerde] ,
3.Het geschil en de beslissing in eerste aanleg
4.De vorderingen in hoger beroep
5.De eiswijziging
6.Korte weergave van het geschil
7.De beoordeling van de grieven en van de vorderingen van [appellanten]
De vastgeldovereenkomst bevat bepalingen over zogenoemde meeruitval. Daarmee is bedoeld: dieren die na te zijn gemest niet ter slacht worden aangeboden, naar het hof begrijpt uitgedrukt in een jaarpercentage. [appellant 1 B.V.] maakt op grond van de overeenkomst geen aanspraak op enige vergoeding voor meeruitval indien deze beperkt blijft tot 5%. Zij kan echter, zo begrijpt het hof, bedragen met de door haar verschuldigde vastgeldvergoeding in rekening brengen ('verrekenen') bij hogere percentages aan meeruitval. De discussie over de vraag of - en zo ja, in hoeverre - [appellant 1 B.V.] op grond van deze bepaling bedragen aan [geïntimeerde] in rekening kan brengen, is op te splitsen in een viertal deelgeschillen:
'Die overeenkomst spreekt ook over 'eventuele gelden t.g.v. het mesterijbedrijf van dhr. [geïntimeerde] '.
dinsdag 6 december 2016in het geding dient/dienen brengen,
dinsdag 22 november 2016, waarna dag en uur van het verhoor (ook indien voormelde opgave van een of meer van partijen ontbreekt) door de raadsheer-commissaris zullen worden vastgesteld;