Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
1.[de vrouw] ,
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
De vaststaande feiten
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Het geschil betreft de hoogte van de bijdragen van de man in de kosten van levensonderhoud en studie van zijn jongmeerderjarige kind en in de verzorging en opvoeding van zijn minderjarige kind. De rechtbank Overijssel had eerder bedragen vastgesteld, waartegen de man vijftien grieven in hoger beroep heeft ingediend.
Het hof heeft de behoefte van de kinderen vastgesteld aan de hand van wettelijke normen, studiefinanciering en zorgtoeslag, waarbij het kindgebonden budget (KGB) van de verzorgende ouder bij de draagkracht is betrokken conform een prejudiciële beslissing van de Hoge Raad. De draagkracht van beide ouders is berekend op basis van hun netto besteedbaar inkomen, waarbij het fiscaal voordeel en het KGB zijn meegenomen.
De zorgkorting is vastgesteld op 15% vanwege de feitelijke zorgverdeling. Het hof heeft de bijdragen van de man per periode berekend, rekening houdend met de behoeften, draagkracht en zorgkorting. De beschikking van de rechtbank is deels vernietigd en deels bekrachtigd, met een aangepaste bijdrage vanaf 1 januari 2015 voor de minderjarige en een nieuwe bijdrage voor de jongmeerderjarige. Terugbetalingsverplichtingen zijn afgewezen.
Uitkomst: Het hof stelt aangepaste alimentatiebijdragen van de man vast voor beide kinderen en vernietigt en bekrachtigt delen van de eerdere beschikking.