Uitspraak
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
3.De vaststaande feiten
4.De motivering van de beslissing
De vader heeft ter zitting aangegeven zich niet te herkennen in het beeld dat [F] van hem schetst. Hij heeft ter zitting eerst gesteld dat hij inmiddels zelf een traject bij een psycholoog is gestart maar heeft bij doorvragen aangegeven dat de intake op dat moment nog plaats diende te vinden. Naar het oordeel van het hof onderschrijft dit het beeld dat de GI van de vader schetst, namelijk dat hij steeds als het vijf voor twaalf is bereid lijkt om hulp te accepteren om dit vervolgens later weer af te wijzen. Het hof ziet aanleiding aanmerkelijke waarde toe te kennen aan het door [F] geschetste beeld van (het gedrag en de houding van) de vader nu zich hiervoor meerdere aanwijzingen bevinden in het dossier en dit gedrag door de GI en de moeder wordt onderschreven.