ECLI:NL:GHARL:2016:10656

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

Datum uitspraak
25 februari 2016
Publicatiedatum
2 mei 2017
Zaaknummer
21-005431-15
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Verstek
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 63 SrArt. 422 Sv
Verwijzingen
3 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging vonnis politierechter in hoger beroep verstek

In deze strafzaak heeft het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden het hoger beroep behandeld dat was ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Overijssel. De verdachte was niet aanwezig bij de terechtzitting, waardoor het hof verstek heeft verleend.

Het hof heeft het vonnis van de politierechter op juiste gronden geacht en heeft dit vonnis bevestigd. Daarbij is het vonnis aangevuld met artikel 63 van Pro het Wetboek van Strafrecht. De advocaat-generaal heeft zijn vordering ingediend en het hof heeft deze in overweging genomen.

Het arrest is uitgesproken tijdens een openbare terechtzitting op 25 februari 2016 door een meervoudige kamer voor strafzaken. De bevestiging van het vonnis betekent dat het vonnis van de politierechter ongewijzigd blijft en dat het hoger beroep van de verdachte is verworpen wegens verstek.

Uitkomst: Het hof bevestigt het vonnis van de politierechter en verklaart het hoger beroep van de verdachte verstek.

Uitspraak

Afdeling strafrecht
Parketnummer: 21-005431-15
Uitspraak d.d.: 25 februari 2016
VERSTEK

Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken

gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Overijssel van 14 september 2015 met parketnummer 08-002123-15 in de strafzaak tegen

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1973,
wonende te [woonplaats].

Het hoger beroep

De verdachte heeft tegen het hiervoor genoemde vonnis hoger beroep ingesteld.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van het hof van 11 februari 2016 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422 van Pro het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal. Deze vordering is na voorlezing aan het hof overgelegd.

Het vonnis waarvan beroep

Het hof is van oordeel dat de eerste rechter op juiste gronden heeft geoordeeld en op juiste wijze heeft beslist. Daarom dient het vonnis waarvan beroep met overneming van die gronden te worden bevestigd, met aanvulling van de aan te halen wetsartikelen met artikel 63 van Pro het Wetboek van Strafrecht.

BESLISSING

Het hof:
Bevestigt het vonnis waarvan beroep.
Aldus gewezen door
mr. P. van Dijken, voorzitter,
mr. H.M.E. Tebbenhoff Rijnenberg en mr. B.F.A. van der Krabben, raadsheren,
in tegenwoordigheid van mr. K. van Laarhoven, griffier,
en op 25 februari 2016 ter openbare terechtzitting uitgesproken.
Proces-verbaal van het in dezelfde zaak voorgevallene ter openbare terechtzitting van het gerechtshof van 25 februari 2016.
Tegenwoordig:
mr. E.A.K.G. Ruys, voorzitter,
mr. E.J. Julsing-Nijenhuis, advocaat-generaal,
B. Moorlag, griffier.
De voorzitter doet de zaak uitroepen.
De verdachte is niet in de zaal van de terechtzitting aanwezig.
De voorzitter spreekt het arrest uit.
Waarvan is opgemaakt dit proces-verbaal, dat door de voorzitter en de griffier is vastgesteld en ondertekend.