ECLI:NL:GHARL:2016:10362
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Bevestiging beschikking tot gevangenhouding in hoger beroep voorlopige hechtenis
Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft op 14 december 2016 uitspraak gedaan in het hoger beroep tegen de beschikking van de rechtbank Midden-Nederland die het bevel tot gevangenhouding van verdachte bevatte. Het hoger beroep was ingesteld door verdachte, die verbleef in het huis van bewaring.
Na onderzoek heeft het hof vastgesteld dat de gronden waarop de rechtbank het bevel tot gevangenhouding had gegeven, nog steeds aanwezig zijn. Daarom bevestigde het hof de beschikking van de rechtbank voor zover daartegen beroep was ingesteld.
Het hof benadrukte het belang van een nauwkeurige omschrijving van de feiten waarop een vordering tot verlenging van voorlopige hechtenis is gebaseerd, zoals voorgeschreven in artikel 78, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering en in lijn met eerdere jurisprudentie. Dit om duidelijkheid te verschaffen over de feiten die de voorlopige hechtenis rechtvaardigen.
De beslissing werd genomen in raadkamer, waarbij de advocaat-generaal en verdachte met zijn raadsman aanwezig waren. Het hof baseerde zich op de artikelen 65, 66, 67, 67a, 71 en 78 van het Wetboek van Strafvordering.
De beschikking werd door het hof bevestigd, waarmee het hoger beroep ongegrond werd verklaard.
Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt het bevel tot gevangenhouding van verdachte in hoger beroep.