ECLI:NL:GHARL:2015:858
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- W.L. Valk
- J.H. Lieber
- F.J.P. Lock
- H.J. Vinke
- H.K.C. Roelofsen
- Rechtspraak.nl
Beoordeling pachtbescherming en redelijkheid bij voortgezet gebruik landbouwgrond na verkoop
In deze civiele zaak staat de vraag centraal of de bepalingen in een aanvullende overeenkomst na verkoop van landbouwgrond moeten worden aangemerkt als een pachtovereenkomst in de zin van artikel 7:311 BW Pro. Appellant, een veehouder en landbouwondernemer, verkocht percelen grond aan geïntimeerde, een ontwikkelaar van bouwprojecten, met afspraken over voortgezet gebruik tegen een pachtprijs.
De koopovereenkomst en aanvullende akte bevatten bepalingen over het gebruik van de grond door appellant tot het moment dat geïntimeerde de grond nodig heeft voor een nieuwe bestemming, met een pachtprijs en afstand van pachtschadevergoeding. Geïntimeerde kondigde later aan de pacht te willen geliberaliseerd voortzetten tegen een vaste pachtprijs.
Appellant vordert primair een verklaring voor recht dat sprake is van een pachtovereenkomst, terwijl geïntimeerde zich beroept op de beperkende werking van redelijkheid en billijkheid. Het hof verwijst naar eerdere vonnissen in eerste aanleg en oordeelt dat de bijzonderheden van de zaak een comparitie van partijen vereisen om nadere inlichtingen in te winnen en een minnelijke regeling te onderzoeken.
Het hof bepaalt dat partijen en hun advocaten op een nader te bepalen datum zullen verschijnen voor een comparitie, waarbij ook proceshandelingen en producties tijdig moeten worden ingediend. Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.
Uitkomst: Het hof beveelt een comparitie van partijen en houdt iedere verdere beslissing aan.