Uitspraak
[appellante],
[geïntimeerde],
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
het vonnis van de rechtbank van 16 november 2011 te vernietigen en, opnieuw rechtdoende, [geïntimeerde] in zijn vorderingen niet-ontvankelijk te verklaren, althans deze aan hem te ontzeggen, met zijn veroordeling in de kosten van beide procedures, te verhogen met de wettelijke rente vanaf 14 dagen na het te wijzen arrest."
3.De beoordeling
20 oktober 2015.