Uitspraak
Overwegingen:
Beslissing
[terbeschikkinggestelde].
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De terbeschikkinggestelde was in beroep gegaan tegen de beslissing van de rechtbank Midden-Nederland van 26 januari 2015, waarin zijn terbeschikkingstelling met twee jaar werd verlengd. De verdediging voerde aan dat sprake was van een gemaximeerde terbeschikkingstelling en betwistte de interpretatie van de wet en jurisprudentie van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens.
Tijdens de zitting op 28 mei 2015 werden de terbeschikkinggestelde, zijn raadsvrouw en de advocaat-generaal gehoord. De verdediging verzocht primair om vernietiging van de verlengingsbeslissing en subsidiair om een verlenging van slechts één jaar, mede vanwege vertragingen in de behandeling door organisatorische problemen binnen de kliniek.
Het openbaar ministerie stelde dat de stoornis en het recidivegevaar onverminderd aanwezig zijn en dat de rechtbank de verlenging van twee jaar voldoende heeft onderbouwd. Het hof oordeelde dat de rechtbank op goede gronden heeft beslist en bevestigde de verlenging. Tevens verwees het hof naar recente uitspraken van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens die relevant zijn voor de beoordeling van de terbeschikkingstelling.
Uitkomst: Het hof bevestigt de verlenging van de terbeschikkingstelling met twee jaar.