ECLI:NL:GHARL:2015:221
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- A.S. Gratama
- Ch.E. Bethlem
- F.J.P. Lock
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen afwijzing verzoek toelating wettelijke schuldsaneringsregeling na faillissement
Appellant werd op verzoek van een schuldeiser failliet verklaard door de rechtbank Gelderland. Vervolgens verzocht appellant om opheffing van het faillissement en gelijktijdige toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling, maar dit verzoek werd door de rechtbank afgewezen omdat appellant niet te goeder trouw zou zijn geweest en de fatale termijn voor het aanvragen van de regeling had overschreden.
Appellant ging in hoger beroep tegen deze afwijzing en stelde dat hij door psychische problemen veroorzaakt door het faillissement de termijn niet had kunnen halen. Het hof onderzocht of appellant ontvankelijk was in zijn verzoek, waarbij het centraal stond of appellant binnen de wettelijke termijn van veertien dagen na verzending van de brief van de griffier een verzoek tot omzetting van het faillissement in de schuldsaneringsregeling had ingediend.
Uit ambtshalve navraag bleek dat de rechtbank Gelderland appellant op 4 oktober 2013 bij aangetekende brief had opgeroepen en de benodigde brief had meegestuurd. De brief was op 5 oktober 2013 afgeleverd op het juiste adres. Appellant kon niet aannemelijk maken dat hij de brief niet had ontvangen. Het hof oordeelde daarom dat appellant wegens hem toe te rekenen omstandigheden niet tijdig het verzoek had ingediend en verklaarde hem niet-ontvankelijk. Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank en stelde het dictum van niet-ontvankelijkverklaring in de plaats, zonder inhoudelijke beoordeling van het verzoek.
Uitkomst: Appellant is niet-ontvankelijk verklaard in zijn verzoek tot toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling wegens het niet tijdig indienen van het verzoek.