Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoeker in hoger beroep,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
In deze zaak staat de vaststelling van kinderalimentatie voor twee minderjarige kinderen centraal na ontbinding van het huwelijk van partijen. De man is onder bewind gesteld en de vrouw heeft een verzoek tot vaststelling van alimentatie ingediend. De rechtbank stelde de alimentatie vast op €150 per kind per maand.
De man is in hoger beroep gekomen en verzoekt de vaststelling van alimentatie op nihil te stellen, stellende dat de behoefte van de kinderen en zijn draagkracht niet voldoende zijn vastgesteld. Het hof verwijst naar eerdere jurisprudentie van de Hoge Raad waarin is bepaald dat tijdens bewind de bewindvoerder formele procespartij is en het beheer over de onder bewind gestelde goederen voert.
Het hof oordeelt dat de vrouw, als meest gerede partij, de bewindvoerder moet oproepen om in het geding te verschijnen en het proces namens de man voort te zetten. De verdere behandeling van de zaak wordt aangehouden totdat de bewindvoerder is betrokken. Hiermee wordt de procedure zorgvuldig voortgezet met inachtneming van het beschermingskarakter van het bewind.
Uitkomst: Het hof stelt de vrouw in de gelegenheid de bewindvoerder op te roepen en houdt de zaak aan voor verdere behandeling.