Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoekster in hoger beroep,
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
3.De vaststaande feiten
- aan de man een tweetal kapitaal- lijfrenteverzekeringen zijn toegedeeld die een gezamenlijke waarde hadden van (€ 6.743,66 + € 3.834 =) € 10.577,66;
- de man schulden tot een bedrag van (1/2 van € 2.000 + ca. € 2.500 + € 9.400 =) € 12.900 voor zijn rekening diende te nemen;
- overigens niet werd verrekend wegens onder- of overbedeling.