Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM - LEEUWARDEN
[Z](hierna: belanghebbende)
heffingsambtenaarvan de
gemeente Veendam(hierna: de heffingsambtenaar)
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Belanghebbende maakte bezwaar tegen twee legesnota's voor het in behandeling nemen van aanvragen voor bouwvergunningen eerste en tweede fase door de gemeente Veendam. De heffingsambtenaar handhaafde de legesnota's en de rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. Belanghebbende stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak.
Het geschil betrof de vraag of de heffingsambtenaar tijdig uitspraak had gedaan op de bezwaarschriften en of het belastbare feit zich had voorgedaan ten aanzien van de legesnota van 9 augustus 2010. Het hof overwoog dat de beslistermijn conform de Gemeentewet met zes weken mocht worden verlengd, waardoor de uitspraak van 11 februari 2011 tijdig was. Tevens oordeelde het hof dat de aanvraag voor de bouwvergunning tweede fase in behandeling was genomen, ondanks dat de vergunning van rechtswege was verleend, en dat daarmee de leges terecht waren geheven.
Het hof verwierp het standpunt van belanghebbende dat de verlenging van de beslistermijn alleen mogelijk was bij ontvangst van het bezwaarschrift in de laatste zes weken van het kalenderjaar. Ook was er geen grond voor vermindering van de leges wegens beperkt nut van de dienst. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.