ECLI:NL:GHARL:2013:BZ8520
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Geschil over termijnverlenging en meerwerk bij bouw nieuw Instituut voor Sportstudies
De zaak betreft een bouwgeschil tussen Hanzehogeschool Groningen en [geïntimeerde] Groningen B.V. over de oplevering van de nieuwbouw van het Instituut voor Sportstudies. [geïntimeerde] vordert onder meer een termijnverlenging en vergoeding van meerwerk en extra bouwkosten.
De rechtbank had vastgesteld dat Hanzehogeschool een termijnverlenging tot 21 december 2007 had verleend en bepaalde vergoedingen toegewezen. Hanzehogeschool betwistte dit en stelde dat geen verdere termijnverlenging was overeengekomen. Het hof heeft de feiten en correspondentie uitgebreid onderzocht, waarbij het hof oordeelde dat de rechtbank ten onrechte aannam dat Hanzehogeschool een verlenging tot 21 december 2007 had verleend.
Het hof benadrukte dat de contractuele regeling in § 8 lid 4 UAV bepaalt dat termijnverlenging een bevoegdheid van de opdrachtgever is, tenzij sprake is van overmacht of omstandigheden voor rekening van de opdrachtgever. Het hof stelde vast dat Hanzehogeschool slechts uitstel tot 1 oktober 2007 had toegezegd en dat verdere verlenging niet was overeengekomen. Daarom vernietigde het hof het vonnis en verwees de zaak terug naar de rechtbank voor verdere behandeling, met name over de vraag of [geïntimeerde] op grond van de tweede volzin van § 8 lid 4 UAV recht heeft op termijnverlenging en vergoeding van meerwerk.
Uitkomst: Het hof vernietigt het tussenvonnis en verwijst de zaak terug naar de rechtbank voor verdere behandeling van de termijnverlenging en meerwerk.