ECLI:NL:GHARL:2013:BZ5612
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vonnis rechtbank over ingebrekestelling en schadevergoeding bij projectstoffering
In deze civiele zaak tussen een projectinrichter en een projectstoffeerder stond de vraag centraal of een ingebrekestelling vereist was voor het vorderen van schadevergoeding wegens tekortschieten in de nakoming van een overeenkomst. De geïntimeerde had werkzaamheden verricht voor het project in het Professor Tuntler Huis, maar stopte na een e-mail waarin hij aangaf niet meer te kunnen doorgaan.
De appellant stelde dat uit deze e-mail mocht worden afgeleid dat geïntimeerde tekort zou schieten en dat een ingebrekestelling daarom niet nodig was. Het hof oordeelde dat de e-mail weliswaar tot twijfel mocht leiden, maar niet als een mededeling in de zin van artikel 6:83 sub c BW Pro kon worden beschouwd. Daarnaast was niet aannemelijk dat partijen waren afgeweken van het wettelijke uitgangspunt dat een ingebrekestelling vereist is.
Het hof verwierp ook het betoog dat geïntimeerde verplicht was de werkzaamheden persoonlijk uit te voeren, en stelde dat hij wel leiding moest geven aan de uitvoering. Omdat geen ingebrekestelling was uitgebracht, was niet voldaan aan een vereiste voor schadevergoeding. De vorderingen van appellant werden daarom afgewezen en het vonnis van de rechtbank bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en wijst het beroep van appellant af wegens het ontbreken van een ingebrekestelling.