ECLI:NL:GHARL:2013:BZ5608
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Toelating tegenbewijs in aansprakelijkheidszaak na inbraak en diefstal
In deze civiele procedure in hoger beroep staat het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden appellant toe tegenbewijs te leveren tegen de aansprakelijkheid voor de door ABN AMRO vergoede schade na een inbraak bij Regio IJssel Vecht. De inbraak vond plaats tussen 22 en 24 september 2006, waarbij laptops, beamers en andere apparatuur werden ontvreemd. Appellant werd in een eerdere strafzaak veroordeeld voor diefstal door braak.
ABN AMRO vordert betaling van € 31.241,-- plus incassokosten en rente, gebaseerd op een taxatierapport en schade-uitkeringen aan Regio IJssel Vecht. De rechtbank wees de vordering toe tegen appellant en een medegedaagde, maar wees deze af tegen een derde. Appellant betwist de aansprakelijkheid en de hoogte van de vordering en heeft hoger beroep ingesteld.
Het hof oordeelt dat de aantekening van het mondeling vonnis als bedoeld in artikel 378a Sv in samenhang met de dagvaarding moet worden gelezen. Het hof acht bewezen dat appellant samen met een ander de laptops en beamers heeft ontvreemd, maar niet voldoende bewijs voor andere goederen. De schade wordt vastgesteld op € 26.767,13, waarbij het eigen risico is verdisconteerd. De buitengerechtelijke incassokosten worden beperkt tot € 1.190,--. Het hof bepaalt dat appellant tegenbewijs mag leveren, ook door getuigen, en houdt verdere beslissing aan.
Uitkomst: Het hof wijst de vordering van ABN AMRO grotendeels toe en staat appellant toe tegenbewijs te leveren.