ECLI:NL:GHARL:2013:BZ1746
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vordering bestuurdersaansprakelijkheid wegens wanprestatie verjaard verklaard
In deze civiele zaak vordert appellant betaling van materiële schadevergoeding van geïntimeerde wegens bestuurdersaansprakelijkheid verbonden aan wanprestatie van een failliete stichting. De rechtbank wees de vordering af wegens verjaring, met als aanvangsdatum 30 maart 2004. Appellant stelde dat de verjaring was gestuit door eerdere procedures van de curator, maar het hof oordeelde dat dit niet het geval was.
De feiten betreffen een hulpverleningsovereenkomst uit 1998 tussen appellant en een stichting waarvan geïntimeerde bestuurslid was. Na faillissement van de stichting in 2000 stelde appellant in 2004 geïntimeerde aansprakelijk. De curator had weliswaar procedures gevoerd, maar deze betroffen andere vorderingen en konden de verjaring van appellants vordering niet stuiten.
Het hof overwoog dat de curator niet bevoegd was namens appellant een vordering uit onrechtmatige daad tegen geïntimeerde in te stellen en dat appellant onvoldoende had onderbouwd dat de verjaring was gestuit. Daarom werd het vonnis van de rechtbank bevestigd en appellant veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en verklaart de vordering wegens verjaring afgewezen.