ECLI:NL:GHARL:2013:BY8418
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- B.J.H. Hofstee
- J.D.S.L Bosch
- R.Ch. Verschuur
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep op onvoorziene omstandigheden bij huwelijkse voorwaarden met koude uitsluiting
Partijen zijn gehuwd onder huwelijkse voorwaarden met een koude uitsluiting. Tijdens het huwelijk is het vermogen van de man aanzienlijk toegenomen. De vrouw vordert aanpassing van de huwelijkse voorwaarden op grond van artikel 6:258 BW Pro wegens onvoorziene omstandigheden.
Het hof stelt vast dat het beroep op artikel 6:258 BW Pro niet slaagt. De vermeende onvoorziene omstandigheden, zoals de aanzienlijke vermogenstoename door toerisme en vermeende onjuiste advisering, zijn niet voldoende om de voorwaarden aan te passen. Echtscheiding was bij het sluiten van de voorwaarden verdisconteerd en het risico van vermogenstoename was aanvaard.
Daarnaast wordt het hoger beroep tegen eerdere tussenarresten niet-ontvankelijk verklaard omdat deze arresten niet in kracht van gewijsde zijn gegaan maar het debat hierover reeds is gevoerd. Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en compenseert de kosten in hoger beroep.
De uitspraak benadrukt de rangorde tussen artikel 6:248 lid 2 BW Pro en 6:258 BW en bevestigt dat een beroep op onvoorziene omstandigheden alleen slaagt bij omstandigheden die na het sluiten van de overeenkomst zijn ingetreden en niet zijn verdisconteerd.
Uitkomst: Het hof verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk en bekrachtigt het vonnis dat het beroep op onvoorziene omstandigheden faalt.