Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoeker in hoger beroep,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De zaak betreft een hoger beroep tegen de beschikking van de rechtbank Arnhem van 12 december 2012, waarin het verzoek tot wijziging van kinderalimentatie door de man werd afgewezen. De man betoogde dat de oorspronkelijke afspraken uit 2009 niet voldeden aan de wettelijke maatstaven en dat er sprake was van gewijzigde omstandigheden die een aanpassing rechtvaardigden.
Het hof overwoog dat de afspraken uit 2009 gebaseerd waren op een onderhandelingsproces met juridische bijstand en dat deze niet met grove miskenning van wettelijke maatstaven waren aangegaan. De man stelde dat hij onvoldoende was geïnformeerd over de wettelijke normen, maar dit kwam voor zijn eigen rekening. Verder stelde de man dat zijn gewijzigde gezinssituatie een wijziging van omstandigheden vormde, maar hij voerde geen draagkrachtverweer.
Het hof oordeelde dat het welvaartsniveau tijdens het huwelijk leidend is voor de behoefte van de kinderen en dat het lagere inkomen van de vrouw na scheiding geen invloed heeft op die behoefte. Ook het argument dat de vrouw meeprofiteert van de alimentatie werd verworpen. De stelling dat de kinderopvangkosten niet meer nodig zouden zijn, werd onvoldoende onderbouwd. Gelet op deze overwegingen concludeerde het hof dat geen rechtens relevante wijziging van omstandigheden was vastgesteld en bekrachtigde het de bestreden beschikking.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de beschikking van de rechtbank Arnhem en wijst het verzoek tot wijziging van kinderalimentatie af.