ECLI:NL:GHARL:2013:10461
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs van diefstal steigermateriaal
In deze strafzaak stond verdachte terecht voor de diefstal van steigermateriaal te Nieuwegein op of omstreeks 27 november 2009. Het hof behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter Utrecht van 16 januari 2012. De advocaat-generaal vorderde een taakstraf dan wel hechtenis, maar het hof kwam tot een andere bewijswaardering.
Het hof stelde vast dat er onvoldoende wettige bewijsmiddelen waren om te concluderen dat verdachte de diefstal had gepleegd. Met name ontbrak bewijs dat verdachte de bestuurder was van het voertuig waarin de diefstal plaatsvond. Gezien het ontbreken van ander bewijs sprak het hof verdachte vrij van het tenlastegelegde.
Daarnaast verklaarde het hof verdachte niet-ontvankelijk in hoger beroep voor een tweede tenlastegelegd feit, omdat tegen die beslissing geen hoger beroep openstond. Het vonnis van de politierechter werd vernietigd voor zover het aan het oordeel van het hof was onderworpen en het hof deed opnieuw recht met vrijspraak voor het resterende feit.
Het arrest werd uitgesproken door de meervoudige kamer van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden op 2 december 2013, waarbij één raadsheer wegens omstandigheden niet kon ondertekenen.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken van diefstal wegens onvoldoende bewijs.