ECLI:NL:GHAMS:2026:744
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging VvE-besluit over voorschieten kosten deskundige bij geschil over uitbouwschade
In deze civiele zaak stond de vraag centraal of een appartementsrechteigenaar, die een uitbouw wil realiseren, terecht werd verplicht om de kosten van een deskundige voor te schieten in geval van onenigheid over mogelijke schade door die uitbouw. De VvE had in haar vergadering besloten dat deze kosten door de eigenaar voorgeschoten moeten worden, een bepaling opgenomen in de verbouwingsovereenkomst.
De eigenaar en haar advocaat voerden aan dat deze bepaling (punt 15) niet was besproken tijdens de vergadering waarin de verbouwing werd goedgekeurd en dat het voorschieten van kosten onredelijk en in strijd met redelijkheid en billijkheid was. Zij vorderden vernietiging van het besluit en verwijdering van deze bepaling uit de overeenkomst.
De kantonrechter wees deze vorderingen af en oordeelde dat het besluit niet onredelijk was, mede omdat de eigenaar de verbouwing wilde realiseren en het risico van schade bij haar lag. Het hof bevestigde dit oordeel en stelde dat punt 15 een procedureafspraak betreft en geen nieuwe materiële voorwaarde is. De eigenaar heeft invloed op de keuze van de deskundige en de uiteindelijke kostenverdeling volgt de uitkomst van het deskundigenrapport.
De VvE werd in het gelijk gesteld en de eigenaar veroordeeld in de kosten van het hoger beroep. Het hof benadrukte dat de bepaling in lijn is met gangbare praktijken en dat individuele buren geen direct verhaalsrisico lopen. De beslissing van de kantonrechter werd bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het VvE-besluit dat de eigenaar de kosten van een deskundige moet voorschieten bij geschil over uitbouwschade en veroordeelt de eigenaar in de proceskosten.