Uitspraak
Onderzoek van de zaak
Tenlastelegging
hij op of omstreeks 3 mei 2024 te Amsterdam, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, al dan niet opzettelijk, zonder registratie een hoeveelheid van ongeveer 45 kilogram, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende ketamine, in elk geval een werkzame stof, heeft bereid en/of in voorraad heeft gehad;
hij op of omstreeks 3 mei 2024 te Amsterdam, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, opzettelijk binnen het grondgebied van Nederland heeft gebracht, ongeveer 1 kilogram, in elk geval een hoeveelheid hennep, zijnde hennep een middel als bedoeld in de bij die wet behorende lijst II, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;
hij op of omstreeks 3 mei 2024 te Amsterdam, in elk geval in Nederland, opzettelijk aanwezig heeft gehad ongeveer 250 gram, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende MDMA en/of ongeveer 318 gram, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende 2C-B, zijnde MDMA en/of 2C-B (telkens) een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;
hij op of omstreeks 3 mei 2024 te Amsterdam, een wapen(s), van categorie I, onder 1° of 3° van de Wet wapens en munitie, te weten een ploertendoder, voorhanden heeft gehad.
Vonnis waarvan beroep
Vrijspraak feit 2
Bewezenverklaring
hij op 3 mei 2024 te Amsterdam, althans in Nederland, opzettelijk, zonder registratie een hoeveelheid van ongeveer 45 kilogram ketamine, in elk geval een werkzame stof in voorraad heeft gehad;
hij op 3 mei 2024 te Amsterdam, opzettelijk aanwezig heeft gehad ongeveer 250 gram MDMA en 318 gram van een materiaal bevattende 2C-B, zijnde telkens een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I;
hij op 3 mei 2024 te Amsterdam, een wapen, van categorie I, onder 3° van de Wet wapens en munitie, te weten een ploertendoder, voorhanden heeft gehad.
Strafbaarheid van het bewezenverklaarde
Strafbaarheid van de verdachte
Oplegging van straf
Beslag
Toepasselijke wettelijke voorschriften
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
21 (eenentwintig) maanden.
6 (zes) maanden, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van
2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
onttrekking aan het verkeervan de in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerpen, te weten: