ECLI:NL:GHAMS:2026:375
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring verdachte in hoger beroep strafzaak
In deze strafzaak heeft het gerechtshof Amsterdam op 10 februari 2026 uitspraak gedaan over het hoger beroep van de verdachte tegen het vonnis van de politierechter van 7 augustus 2024. De verdachte was geboren in 1993 en woonachtig op een adres in Nederland.
Het hof heeft het hoger beroep van de verdachte niet-ontvankelijk verklaard. Dit betekent dat het hof het beroep niet inhoudelijk heeft behandeld, omdat niet aan de vereisten voor ontvankelijkheid was voldaan. De beslissing werd genomen door de enkelvoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam.
De uitspraak betreft een verstekvonnis, wat inhoudt dat de verdachte niet aanwezig was tijdens de behandeling van het hoger beroep. De griffiers waren L.A.H. van Wieren en C.H. Sillen. De niet-ontvankelijkverklaring betekent dat het vonnis van de politierechter ongewijzigd blijft.
Uitkomst: Verdachte is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep, waardoor het vonnis van de politierechter in stand blijft.