Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:GHAMS:2026:130

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
20 januari 2026
Publicatiedatum
20 januari 2026
Zaaknummer
23-001888-24
Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 416 Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid verdachte in hoger beroep wegens ontbreken grieven

Verdachte heeft hoger beroep ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in Amsterdam van 12 augustus 2024. Tijdens de terechtzitting in hoger beroep op 6 januari 2026 heeft het hof vastgesteld dat verdachte geen schriftuur houdende grieven heeft ingediend en ook mondeling geen bezwaren heeft geuit tegen het vonnis.

De advocaat-generaal heeft daarom gevorderd dat het hof verdachte niet-ontvankelijk verklaart in het hoger beroep. Het hof heeft dit verzoek gevolgd omdat niet is gebleken van enig rechtens te respecteren belang dat een onderzoek van de zaak zou rechtvaardigen.

Op grond van artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering is verdachte dan ook niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep. Het arrest is uitgesproken door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 6 januari 2026.

Uitkomst: Verdachte is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens het ontbreken van grieven en een rechtens te respecteren belang.

Uitspraak

afdeling strafrecht
parketnummer: 23-001888-24
datum uitspraak: 6 januari 2026
VERSTEK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 12 augustus 2024 in de strafzaak onder parketnummer 13-255855-24 tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] (Algerije) op [geboortedag] 1999,
adres: zonder bekende woon- of verblijfplaats,
De verdachte heeft hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.

Onderzoek ter terechtzitting

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 6 januari 2026.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal.
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof de verdachte niet-ontvankelijk zal verklaren in het hoger beroep.

Ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep

Door of namens de verdachte is geen schriftuur houdende grieven ingediend. Evenmin zijn mondeling bezwaren tegen het vonnis opgegeven. Ook daarnaast is niet gebleken van enig rechtens te respecteren belang dat is gediend met enig onderzoek van de zaak. Om die reden wordt de verdachte niet-ontvankelijk verklaard in het ingestelde hoger beroep, gelet op het bepaalde in artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering.

BESLISSING

Het hof:
Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. M. Iedema, mr. R.P. den Otter en mr. A.C. Bijlsma, in tegenwoordigheid van mr. L.M. Steur, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 6 januari 2026. Mrs. R.P. den Otter en A.C. Bijlsma zijn buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.
[......]