ECLI:NL:GHAMS:2025:42
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs witwassen geldbedrag van €1.960
Het gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in Amsterdam, waarbij verdachte werd beschuldigd van witwassen van een geldbedrag van €1.960 op 3 augustus 2022. De verdachte werd ervan verdacht de herkomst van het geld te hebben verborgen en zijn bankrekening te hebben gebruikt voor transacties waarvan hij zou moeten vermoeden dat deze uit een misdrijf afkomstig waren.
Tijdens de behandeling in hoger beroep heeft het hof vastgesteld dat hoewel het geld op de bankrekening van verdachte werd bijgeschreven en er meerdere opnames en betalingen plaatsvonden, er geen bewijs is dat verdachte op de hoogte was van deze storting of betrokken was bij de transacties. Er ontbraken camerabeelden en andere aanwijzingen die de aanwezigheid of betrokkenheid van verdachte op de plaats van de opnames konden bevestigen.
Verdachte verklaarde zijn bankpas en pincode in juli 2022 te zijn verloren en ontkende aanwezig te zijn geweest op de locatie van de opnames. Ook was er geen onderzoek gedaan naar de aanvraag van een tweede bankpas en creditcard, wat relevant kan zijn voor de betrokkenheid van derden.
Het hof concludeerde dat het scenario van verdachte niet kon worden weerlegd en dat er onvoldoende bewijs was om te concluderen dat verdachte het ten laste gelegde feit had gepleegd. Daarom werd het vonnis van de politierechter vernietigd en verdachte vrijgesproken van witwassen.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van betrokkenheid bij witwassen van €1.960.