ECLI:NL:GHAMS:2024:479
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging verlenging ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing minderjarige ondanks verzoek moeder tot terugplaatsing
De moeder van een minderjarige is in hoger beroep gekomen tegen de verlenging van de ondertoezichtstelling en de machtiging tot uithuisplaatsing van haar kind in een pleeggezin. Zij verzocht primair om beëindiging van deze maatregelen en terugplaatsing van de minderjarige bij haar, subsidiair om een deskundigenonderzoek, benoeming van een bijzondere curator, vervanging van de gecertificeerde instelling (GI) en wijziging van de omgangsregeling.
Het hof overweegt dat de ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing noodzakelijk zijn vanwege een ernstige bedreiging van de ontwikkeling van de minderjarige, die gedragsproblematiek vertoont en behandeling behoeft. De moeder erkent de zorgen niet en werkt niet mee aan hulpverlening, waardoor onvoldoende zicht is op haar opvoedcapaciteiten. De beëindiging van het ouderlijk gezag per 24 november 2023 heeft de werking van de verlengde maatregelen beëindigd, maar het hof toetst de rechtmatigheid over de periode daarvoor.
Het verzoek tot deskundigenonderzoek en benoeming van een bijzondere curator wordt afgewezen omdat de moeder geen belang meer heeft en er al voldoende hulpverleners betrokken zijn. Het verzoek tot vervanging van de GI wordt niet-ontvankelijk verklaard vanwege appelverbod. De omgangsregeling wordt gehandhaafd zoals vastgesteld, omdat deze in het belang van de minderjarige is en uitbreiding nu niet passend wordt geacht.
Het hof bekrachtigt de bestreden beschikking en wijst het hoger beroep van de moeder af. Het verzoek tot schorsing van de beschikking wordt eveneens afgewezen omdat het gezag reeds is beëindigd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de verlenging van de ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing en wijst het verzoek van de moeder tot terugplaatsing en andere subsidiaire verzoeken af.