ECLI:NL:GHAMS:2024:325
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs vals proces-verbaal door politieambtenaar
De verdachte, een politieambtenaar, werd beschuldigd van het opzettelijk opmaken van een vals proces-verbaal waarin hij verklaarde per ongeluk de telefoon van een aangever te hebben uit zijn hand geslagen. De aangever stelde dat dit opzettelijk was gebeurd en leverde een kort filmpje aan ter onderbouwing.
Het hof oordeelde dat het filmpje slechts een fragment van negen seconden betrof van een situatie die meer dan een minuut duurde, en dat het geen duidelijk bewijs leverde van opzet. Ook andere dossierstukken boden geen overtuigend bewijs dat de verdachte met opzet handelde of een onjuist proces-verbaal had opgemaakt.
Daarom werd het vonnis van de rechtbank vernietigd en de verdachte vrijgesproken. Het hof benadrukte dat de verdachte tijdens zijn werkzaamheden handelde in een context waarin hij met urgentie een vrije doorgang moest creëren en dat de aangever de situatie filmde vanuit een korte afstand.
De uitspraak werd gedaan door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 1 februari 2024.
Uitkomst: De verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs van het opmaken van een vals proces-verbaal.