ECLI:NL:GHAMS:2024:2845
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging machtiging tot uithuisplaatsing minderjarige wegens suïcidale uitlatingen en onveilige thuissituatie
Deze zaak betreft het hoger beroep tegen beschikkingen tot spoedmachtiging en verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing van een minderjarige bij zijn vader. De moeder verzocht vernietiging van deze beschikkingen en schorsing van de uitvoerbaarheid, terwijl de gecertificeerde instelling (GI) de bekrachtiging vorderde.
De feiten tonen dat de minderjarige suïcidale gedachten uitte en een onveilige thuissituatie bij de moeder werd vastgesteld, mede door huiselijk geweld en emotionele problemen van de moeder. De raad voor de kinderbescherming stelde de minderjarige onder toezicht van de GI. De uithuisplaatsing bij de vader, waar de minderjarige zich veilig voelt, werd als noodzakelijk en in het belang van het kind beoordeeld.
Het hof concludeert dat de gronden voor de machtiging tot uithuisplaatsing aanwezig zijn en dat de moeder onvoldoende in staat is een veilige opvoedsituatie te bieden. De omgang tussen moeder en kind verloopt moeizaam maar wordt begeleid en uitgebreid. Het schorsingsverzoek van de moeder wordt afgewezen. De bestreden beschikkingen worden bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de machtiging tot uithuisplaatsing van de minderjarige bij de vader en wijst het schorsingsverzoek van de moeder af.