ECLI:NL:GHAMS:2024:2731
Gerechtshof Amsterdam
- Raadkamer
- A.M.P. Geelhoed
- A.W.T. Klappe
- D.A.G. van Toor
- Rechtspraak.nl
Toekenning vergoeding kosten rechtsbijstand na intrekking hoger beroep zonder strafoplegging
Verzoeker diende een verzoek in op grond van artikel 530 Sv Pro tot vergoeding van kosten rechtsbijstand in verband met een strafzaak en de verzoekschriftprocedure. De strafzaak eindigde door intrekking van het hoger beroep door het Openbaar Ministerie, zonder oplegging van straf of maatregel.
Het hof analyseerde zijn bevoegdheid en concludeerde dat deze pas ontstaat nadat een oproep of dagvaarding aan de verdachte is betekend in hoger beroep. Omdat in deze zaak het hoger beroep werd ingetrokken voordat een oproep of dagvaarding was betekend, was het hof formeel niet bevoegd om het verzoek te beoordelen.
Desondanks besloot het hof uit oogpunt van doelmatigheid en op verzoek van beide partijen de zaak zelf af te doen. Het hof stelde vast dat gronden van billijkheid aanwezig waren voor toekenning van een vergoeding van in totaal €3.735,25 voor kosten rechtsbijstand.
De beschikking werd uitgesproken door de meervoudige raadkamer van het Gerechtshof Amsterdam op 24 september 2024 en de vergoeding werd toegekend en te gelde gemaakt via overmaking op de bankrekening van verzoeker.
Uitkomst: Het hof kent een vergoeding van €3.735,25 toe voor kosten rechtsbijstand na intrekking van het hoger beroep zonder strafoplegging.