ECLI:NL:GHAMS:2024:2366
Gerechtshof Amsterdam
- Raadkamer
- A.W.T. Klappe
- R.D. van Heffen
- A.M.P. Geelhoed
- Rechtspraak.nl
Toekenning vergoeding rechtsbijstand na beleidssepot ondanks vermoedelijke strafrechtelijke aansprakelijkheid
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen de afwijzing van haar verzoek tot vergoeding van kosten rechtsbijstand in verband met een strafzaak die eindigde in een beleidssepot. De rechtbank had het verzoek afgewezen omdat bij vervolging mogelijk tot een bewezenverklaring zou zijn gekomen.
Het hof overweegt dat de onschuldpresumptie, zoals neergelegd in artikel 6 EVRM Pro, vereist dat een rechter niet mag impliceren dat de verdachte schuldig is zonder inhoudelijk oordeel. De motivering van de rechtbank komt neer op vaststelling van strafrechtelijke aansprakelijkheid zonder inhoudelijke beoordeling, wat onverenigbaar is met de onschuldpresumptie.
Het hof vernietigt daarom de beschikking van de rechtbank en kent een vergoeding toe van € 3.180,00, bestaande uit € 2.500,00 voor rechtsbijstand in de strafzaak en € 680,00 voor rechtsbijstand in de verzoekschriftprocedure. De vergoeding voor rechtsbijstand in een UWV-procedure wordt niet toegekend.
De beschikking is gegeven door de meervoudige raadkamer van het gerechtshof Amsterdam op 27 augustus 2024.
Uitkomst: Het hof kent een vergoeding van € 3.180,00 toe voor kosten rechtsbijstand na beleidssepot.