ECLI:NL:GHAMS:2024:1703

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
3 juni 2024
Publicatiedatum
18 juni 2024
Zaaknummer
23-001124-23
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 3 OpiumwetArt. 11 OpiumwetArt. 14a SrArt. 14b SrArt. 14c Sr
Verwijzingen
9 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoger beroep op veroordeling voor overtreding Opiumwet en diefstal met braak

De verdachte werd door de politierechter veroordeeld tot 2 maanden gevangenisstraf voor het opzettelijk handelen in strijd met artikel 3 onder Pro C van de Opiumwet en diefstal waarbij braak werd gepleegd om toegang te verkrijgen.

In hoger beroep vernietigde het hof het vonnis van de politierechter en veroordeelde de verdachte tot een gevangenisstraf van 4 maanden, waarvan 3 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar. De veroordeling betreft medeplegen van overtreding van de Opiumwet en diefstal met braak.

De feiten vonden plaats op 28 september 2021 te Avenhorn en op 15 januari 2022 te Haarlem. Het hof bepaalde dat het voorwaardelijke deel van de straf niet ten uitvoer zal worden gelegd tenzij de verdachte binnen de proeftijd opnieuw een strafbaar feit pleegt.

De strafmaat weerspiegelt de ernst van de delicten en de omstandigheden van het geval, waarbij rekening is gehouden met de aard van de feiten en de gedragingen van de verdachte.

Het vonnis is gewezen door mr. M.J.A. Duker, in aanwezigheid van griffier B. Akinrolabu.

Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 4 maanden gevangenisstraf waarvan 3 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar.

Uitspraak

afdeling strafrecht
parketnummer eerste aanleg : 15-298434-21 en 15-028934-22 (gev. ttz in eerste aanleg)
parketnummer hoger beroep : 23-001124-23
TEGENSPRAAK (gemachtigd raadsman)
Arrest van het gerechtshof Amsterdam, enkelvoudige strafkamer, van
3 juni 2024 gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 26 september 2022 in de zaak tegen de verdachte:
naam: [verdachte]
voornamen: [verdachte]
geboren: op [geboortedag] 1994 te [geboorteplaats]
adres: [adres].

Kwalificatie van het bewezenverklaarde

Het in de zaak met parketnummer 15-298434-21 bewezenverklaarde levert op:
medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 3 onder Pro C van de Opiumwet gegeven verbod.
Het in de zaak met parketnummer 15-028934-22 bewezenverklaarde levert op:
diefstal, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van braak.
gepleegd
in de zaak met parketnummer 15-298434-21:
op 28 september 2021 te Avenhorn, gemeente Koggenland;
en in de zaak met parketnummer 15-028934-22:
op 15 januari 2022 te Haarlem;

Toepasselijke wettelijke voorschriften

de artikelen 3 en 11 van de Opiumwet en de artikelen 14a, 14b, 14c, 47, 57, 63 en 311 van het Wetboek van Strafrecht.

BESLISSING

Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Veroordeelt de verdachte tot een
gevangenisstrafvoor de duur van
4 (vier) maanden.
Bepaalt dat een gedeelte van de gevangenisstraf, groot
3 (drie) maanden, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van
2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
Gewezen door mr. M.J.A. Duker, in bijzijn van B. Akinrolabu, griffier.
mr. M.J.A. Duker